Dag 17 / Dürnstein - Wenen
We worden vanmorgen gewekt door kerkklokken. En dat is niet de eerste keer deze vakantie. Het is opvallend hoe vaak in Oostenrijk de klokken luiden en hoeveel religieuze uitingen er in het landschap zijn, zoals kruizen, Mariabeeldjes en kleine kapelletjes.
Het hotel waar we geslapen hebben, heeft een prettige, oubollige sfeer. De eigenaar is ook een heel correcte en vriendelijke man. We zijn de enigen bij het ontbijt. Misschien zijn we zelfs de enige gasten? Ik had het in het mooie plaatsje Dürnstein veel drukker verwacht.
We laten de mooie blauw-witte toren van het voormalige kloostercomplex Stift Dürnstein achter ons en klimmen omhoog naar de wijngaarden. Al snel vlakt het af en lopen we over goed begaanbare paden en landweggetjes. Bijna de hele route hebben we een prachtig uitzicht op de terrasvormige wijngaarden, met hun karakteristieke droogstenen muurtjes. Daarachter stroomt de Donau, waar af en toe een cruiseschip voorbijvaart. In de verte ligt het dorpje Unterloiben mooi in het landschap, met de toren van de Pfarrkirche als opvallend herkenningspunt.
Deze laatste etappe lopen we vlot en rond half twaalf zijn we al in Krems. Bij Konditorei Hagmann sluiten we onze prachtige wandeltocht af met een heerlijk stukje Torte.
We reizen met een boemeltreintje van Krems naar het Franz-Josefs-Bahnhof in Wenen. Vlak bij het station eten we nog een lekkere pokébowl. Heerlijk, weer eens wat anders dan al dat Oostenrijkse eten en bovendien lekker veel verse ingrediënten!
We zitten nog een eindje van het centrum waar we slapen. Om de stad een beetje te leren kennen, gaan we er lopend naartoe.
Eerst twee kilometer pal langs de Donau. Veel wandelaars en fietsers hier. En heel veel graffiti. Soms best mooi, maar soms ook echt een rommeltje. Het is wel weer even wennen aan de drukte en het lawaai van de stad.
We verlaten de Donau en lopen naar de Ruprechtskirche. Deze kerk geldt als de oudste nog behouden kerk van Wenen en ligt tussen de smalle straatjes van het oude stadscentrum. Mooie, kleurrijke moderne glas-in-loodramen! En ook twee hele oude kleine glas-in-loodramen uit ongeveer 1300. Een man die bij het kerkje hoort, geeft ons uitleg.
We lopen verder via de beroemde Ankerklok. Twaalf historische figuren uit de geschiedenis van Wenen bewegen gedurende twaalf uur over de klok. Leuk om even te zien.
Dan komen we bij de Stephansdom. De grote gotische kerk valt meteen op door de hoge toren en het kleurrijke dak met patronen.
We slapen vlak achter de kathedraal in Gästehaus Deutscher Orden. Het is een oud kloostergebouw waar vroeger geestelijken woonden. Een bijzondere plek midden in het centrum van Wenen.
We bestellen bij een kleine broodjeszaak een lekker broodje en een kop thee. We kunnen buiten zitten en mensen kijken. Zoveel mensen in zo’n grote stad. Ook de toeristische paardenkoetsen komen voorbij. Best vies, die paarden in de stad. Uitwerpselen en veel urine. Hele plassen komen uit zo’n paard, waar auto’s, fietsers en onoplettende wandelaars doorheen gaan. We bekijken het van een veilige afstand.
Daarna beklimmen we nog de toren van de Stephansdom. Het zijn maar liefst 343 treden omhoog: 7 × 7 × 7. Mooi uitzicht over de stad!
’s Avonds gaan we naar een concertje in de mooie St. Annakirche. Een strijkkwartet speelt Mozart en Schubert. We hebben een prettige plek op de tweede rij aan de zijkant. Daar staan wat betere stoelen dan de kerkbanken in het midden. Leuke sfeer en een goed ensemble.
Overnachting: Gästehaus Deutscher Orden Wien.
Gelopen: 12,5 km naar Krems en 3,4 km in Wenen
Omhoog: 374 m
Omlaag: 379 m

